Nieuws

Verplichting Verklaring Omtrent het Gedrag: wie wel, wie niet?

De VOG is in het primair onderwijs, het voortgezet onderwijs en in het beroepsonderwijs en volwasseneneducatie verplicht voor: - leraren
- (adjunct-)directieleden, (con-)rectoren 
- onderwijsondersteunende functionarissen 
- externe leraren, bijvoorbeeld gedetacheerd of werkzaam via een uitzendbureau 
- externe (adjunct-)directieleden 
- externe onderwijsondersteunende functionarissen (bijv. schoonmakers)
- Leraren in Opleiding (LIO’s) en Onderwijsassistenten in Opleiding, die met een leerarbeidsovereenkomst als werknemer zijn benoemd 
-overblijfmedewerkers (TSO, primair onderwijs), waaronder ook vrijwilligers
Geldigheid
De VOG dient bij overlegging ten behoeve van benoeming of aanstelling niet ouder te zijn dan zes maanden. Voor diegenen, die in het primair onderwijs zijn belast met het toezicht op de leerlingen tijdens het overblijven (TSO overblijfmedewerkers) geldt, dat de VOG bij overlegging niet ouder mag zijn dan twee maanden.  
Eigen keuze bestuur
Voor bestuurders, vrijwilligers (met uitzondering van vrijwilligers die in het primair onderwijs toezicht houden op de leerlingen bij het overblijven) en stagiaires (zoals stagiaires van de lerarenopleidingen en van de opleiding onderwijsassistent, die niet met een leerarbeidsovereenkomst als werknemer zijn benoemd) geldt op dit moment geen verplichting voor een VOG. Verder is in het voortgezet onderwijs en in het beroepsonderwijs en volwasseneneducatie geen VOG verplicht voor leraren of onderwijsondersteunend personeel dat belast is met werkzaamheden in verband met contractactiviteiten. Dit neemt echter niet weg dat een bestuur altijd de keuze heeft om zelf te bepalen dat toch een VOG overlegd moet worden.
Bron: Ministerie van Onderwijs