Nieuws

Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016

De langverwachte nieuwe regeling beleggen en belenen (nu geheten: Regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016) is op 15 juni 2016 in de Staatscourant gepubliceerd en is met ingang van 1 juli 2016 van kracht geworden. De belangrijkste wijzigingen zijn:

  1. Een treasurystatuut is nog steeds verplicht en daarin moeten bovendien de volgende zaken vermeld worden:
  • de hoofdlijnen van de op het beleggen en lenen betrekking hebbende administratieve organisatie en het interne toezicht, waaronder in ieder geval de verdeling van taken en bevoegdheden,
  • de voor de instelling toegestane beleggings- en leningsvormen,
  • de bijbehorende informatievoorziening minimaal bestaande uit een kasstroomprognose over 5 jaar en de verantwoordingsinformatie, en
  • de wijze waarop onderscheid wordt gemaakt tussen publieke middelen en overige middelen enerzijds en niet-publieke middelen anderzijds.
  1. De ratingeisen zijn naar beneden bijgesteld. Instellingen kunnen alleen producten afnemen van financiële instellingen uit een lidstaat van de EU die minimaal een rating A hebben.
  2. De regels rond derivaten zijn fors aangescherpt. Ze zijn alleen toegestaan als zij op verantwoorde wijze worden ingezet. Derivaten zijn alleen toegestaan voor het beperken van opwaartse renterisico’s bij leningen.
  3. De regeling maakt onderscheid tussen een professionele en een niet-professionele belegger. Een instelling die is aangemerkt als niet-professionele belegger geniet meer bescherming dan een professionele belegger. In de regeling is opgenomen dat instellingen in het primair en voortgezet onderwijs als niet-professionele belegger worden aangemerkt.
  4. De instelling doet ieder jaar in de jaarverslaglegging ten aanzien van de publieke middelen verslag van haar beleid ten aanzien van de beleggingen en leningen, de uitvoering van het beleid in de praktijk, de uitstaande beleggingen en leningen, de aangetrokken leningen en de afgesloten derivatenovereenkomsten. Hierbij wordt:

- een vergelijking gemaakt met de gegevens van het voorgaande jaar;
- van elke belegging jaarlijks gemeld op welk moment de belegging vrijvalt;
- verantwoording afgelegd over het gebruik van derivaten, conform de Regeling jaarverslaggeving onderwijs;
- een rapportage over het treasurystatuut opgenomen, waarin ten minste verslag gedaan wordt over:

a. het beleid en de uitvoering ten aanzien van beleggen, lenen en derivaten;
b. de soorten en omvang van de beleggingen, leningen en derivaten
c. de looptijden van de beleggingen, leningen en derivaten.

6. De accountant toetst jaarlijks of de instelling conform de Regeling beleggen en belenen heeft gehandeld bij het aantrekken van nieuwe financiële producten en dat er geen toezichtbeperkende bepalingen zijn opgenomen in de contracten.

7. De onderwijsinspectie beoordeelt minimaal eenmaal per jaar, mede op basis van in ieder geval de informatie van de accountant, of een instelling zich in voldoende mate houdt aan de regelgeving inzake derivatentransacties en neemt gepaste actie bij tekortkomingen of risico’s.

Bron: Van Ree Accountants