Nieuws

Financieel beeld funderend onderwijs

De jaarcijfers van 2011 voor het funderend onderwijs (primair en voortgezet onderwijs, inclusief samenwerkingsverbanden en expertisecentra) zijn op 21 december 2012 aangeboden aan de Tweede Kamer. Uit de jaarcijfers die door de Inspectie van het Onderwijs zijn geïnventariseerd, blijkt dat zowel in het primair als in het voortgezet onderwijs sprake is van een licht herstel van de jaarcijfers. Er is echter nog steeds sprake van een verlies. Ten opzichte van 2010 zijn er minder schoolbesturen met een negatief resultaat en is het negatieve resultaat kleiner geworden. De sector primair onderwijs leed een verlies van 1,2 procent (€103 miljoen). In 2010 was dit 1,5 procent. De sector voortgezet onderwijs leed een verlies van 0,9 procent (€66 miljoen). In 2010 bedroeg het verlies 1 procent. Continuïteitstoezicht
De inspectie kondigt in haar rapport aan dat zij voor het continuïteitstoezicht de signaleringswaarde voor solvabiliteit zal verhogen naar 0,30. Dit betekent dat besturen die meer dan 70 procent van hun totale vermogen gefinancierd hebben met vreemd vermogen, onderzocht zullen worden. De inspectie doet dit om te bezien of er een financieel risico bestaat voor de langere termijn. Nu is de signaleringswaarde 0,20. Dit is een van de elementen van de intensivering van het continuïteitstoezicht. Daarnaast zal de inspectie de komende drie jaar alle schoolbesturen in het funderend onderwijs doorlichten op de financiële continuïteit. Het continuïteitstoezicht komt bovenop eerdere maatregelen voor de verbetering van de financiële deskundigheid in het funderend onderwijs, zoals de projecten 'Eerst kiezen, dan delen' en 'In balans' en de inzet van financiële serviceteams voor het voortgezet onderwijs.
Bron: www.rijksoverheid.nl