Voorlopig resultaat 2023

Het resultaat over kalenderjaar 2023 dat op InSite wordt getoond is een voorlopig resultaat en moet in het licht gehouden worden van de volgende zaken. Concent heeft alle in 2023 gepubliceerde bekostigingsgegevens ingelezen evenals het loonjournaal tot en met december 2023. Medio januari 2024 volgt nog het loonjournaal over de 13e (correctie)periode. In 2024 worden (indien van toepassing) nog beschikkingen afgegeven voor de bekostiging voor nieuwkomers per teldatum 1 oktober 2023 en groeibekostiging per 1 november en 1 december 2023. Daarnaast zullen nagekomen facturen over 2023 nog verwerkt worden en (eventuele) mutaties op voorzieningen.

 

Uw pensioen wordt verhoogd met 3,03%

ABP verhoogt de pensioenen op 1 januari 2024 met 3,03%. Dit is gelijk aan de volledige stijging van de prijzen tussen 1 september 2022 en 31 augustus 2023. Ook stelde ABP de nieuwe pensioenpremie vast: die daalt van 27,9% naar 27,0%. Het verantwoordingsorgaan adviseerde positief over dit besluit. Cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) laten zien dat goederen, zoals boodschappen in de supermarkt, en diensten met 3% omhoog zijn gegaan in de periode van 1 september 2022 tot 31 augustus 2023. ABP kijkt altijd naar de periode van september tot september als het een besluit neemt over een mogelijke verhoging van de pensioenen. We verhogen de uitkeringen van gepensioneerden en de pensioenaanspraken van deelnemers die nu nog pensioen opbouwen of in het verleden pensioen hebben opgebouwd bij ABP.

 

Extra financiële armslag
ABP-bestuursvoorzitter Harmen van Wijnen zegt blij te zijn dat de pensioenen net als vorig jaar volledig kunnen meestijgen met de inflatie. “Een goed pensioen is een pensioen dat verhoogd wordt als de prijzen stijgen. Ik ben blij dat we dit ook in 2024 kunnen waarmaken. We kunnen de pensioenen, net als vorig jaar, volledig laten meegroeien met de prijsstijging. Toen stegen de prijzen met bijna 12%, nu is dat 3,03%. Net als vorig jaar maken we gebruik van de soepeler indexatieregels die gelden op weg naar de overstap op het vernieuwde pensioenstelsel in 2027.”

Hij zegt te hopen dat de verhoging gepensioneerden wat extra armslag geeft. “Want bij een pensioen van €1.000 netto betekent dat toch zo’n € 30 in de maand erbij. Natuurlijk hebben we daarbij ook goed gekeken of dit besluit evenwichtig uitpakt voor alle groepen deelnemers. Daarnaast blijft er voldoende vermogen in kas om op de langere termijn een gezonde en evenwichtige overstap te maken naar de nieuwe pensioenregels. Voor het bestuur stonden alle seinen op groen om dus tot volledige pensioenverhoging te besluiten.”

 

Versoepeling van de regels
Dat ABP de pensioenen kan verhogen, heeft ook te maken met een versoepeling van de regels in aanloop naar de nieuwe regels voor pensioen. ABP stapt op 1 januari 2027 over op het vernieuwde pensioenstelsel. Een pensioenfonds mag dan al de pensioenen verhogen bij een beleidsdekkingsgraad van 105%, dat is het gemiddelde van de dekkingsgraad over 12 maanden. De beleidsdekkingsgraad van ABP kwam in oktober van dit jaar uit op 113,7%. 

 

Lagere premie
De premie voor het ouderdoms- en nabestaandenpensioen daalt in 2024: van 27,9% naar 27,0%. Werkgevers betalen 70% van de premie. Werknemers betalen 30%. Bij een inkomen van € 3.500 bruto betaalt de werknemer in 2024 ongeveer € 10 per maand netto minder. 

 

Bron: ABP

Aanpassing reiskostenvergoeding woon-werkverkeer per 1 januari 2024

De vergoeding voor woon-werkverkeer wordt vanaf 1 januari 2024 een vaste vergoeding per maand in plaats van een vergoeding van het werkelijke aantal kilometers. Met de vakbonden is afgesproken om de invulling van de hogere kilometervergoeding aan te passen omdat de vergoeding van werkelijke kilometers leidt tot meer administratieve druk voor medewerkers en schoolorganisaties. 

 

De regeling blijft verder hetzelfde: 

  • Een vergoeding van € 0,17 per kilometer.
  • Een vergoeding voor de kilometers tussen 7 en 25 kilometer (enkele reis). De vergoeding wordt uiteraard uitbetaald voor de heen- en terugreis. 
  • Voor vervangers blijft de bestaande uitzondering van toepassing. Zij ontvangen een vergoeding voor de kilometers tussen 7 en 34,5 kilometer enkele reis.
  • De vergoeding is gebaseerd op 208 reisdagen per jaar bij 5 reisdagen woon-werkverkeer per week. Deze wordt aangepast aan het aantal reisdagen van de medewerker. 
  • De berekening is gebaseerd op een jaarbedrag dat wordt uitbetaald in 11 termijnen. De maand zonder uitbetaling is augustus. 
  • De vergoeding loopt door tijdens de eerste twee weken van ziekte. 

 

Artikel 7.2a van de cao primair onderwijs wordt gewijzigd als gevolg van de overeengekomen aanpassingen. De publicatie daarvan volgt op korte termijn. 

 

Bron: PO-raad

Pas per 1 juli 2024 rapporteren over werknemerskilometers

­
Bron: RVO

Premiepercentages Vf en Pf voor 2024 zijn bekend

Het bestuur van het Vervangingsfonds (Vf) en Participatiefonds (Pf) heeft de premiepercentages voor 2024 vastgesteld. De premie voor het Vf stijgt licht, de premie voor het Pf daalt.

 

Premie Vf
De premies voor het Vf stijgen licht. Het percentage voor reguliere aansluiting gaat van 4,50% in 2023 naar 4,75% in 2024. Dit wordt veroorzaakt door een hoger verzuim, een stabiliserende vervangingsgraad en minder deelnemende schoolbesturen aan het reguliere fonds of één van de ERD-varianten. Door deze effecten verwacht het bestuur van het Vf dat de kosten licht zullen stijgen, waardoor ook het premiepercentage om deze kosten te dekken meestijgt.

 

Premie Pf
De premie voor het Pf daalt. Het percentage gaat omlaag van 2,40% in 2023 naar 1,75% in 2024. Eén van de oorzaken is dat minder mensen een uitkering hebben of hebben aangevraagd. Ook zorgen de salarisstijgingen na de nieuwe cao voor een hogere premiegrondslag waardoor een lager premiepercentage nodig is.

 

Bron: Vf en Pf

Inhaalslag Participatiefonds inzake pensioenpremies over WW-uitkeringen ex-werknemers

Met ingang van 1 augustus 2022 moet het Participatiefonds naast de eigen bijdrage aan werkloosheidsuitkeringen (WW, WOPO) ook de premies voor pensioen en arbeidsongeschiktheidsverzekering over deze uitkeringen in rekening brengen bij ex-werkgevers.

 

Het Participatiefonds heeft deze premies tot op heden nog niet in rekening kunnen brengen omdat de systemen nog niet up-to-date waren. De systemen zijn nu up-to-date en het Participatiefonds gaat eventueel verschuldigde premies binnenkort per factuur met terugwerkende kracht in rekening brengen. Dit betekent dat de pensioenpremies die ex-werkgevers eventueel nog verschuldigd zijn over WW-uitkeringen die aan ex-werknemers zijn uitbetaald over de periode augustus 2022 t/m oktober 2023 in rekening zullen worden gebracht. De facturen worden beschikbaar gesteld via de portal van Mijn PF en zullen via automatische incasso door het Participatiefonds worden geïnd.

 

Definitieve regeling bekostiging 2023 gepubliceerd

In de definitieve regeling bekostiging 2023 is de loonbijstelling 2023, de indexatie van het loongevoelig deel van de bekostiging verwerkt. Dat is de belangrijkste aanpassing ten opzichte van de eerste regeling bekostiging 2023. In die regeling was al de prijsbijstelling 2023 (indexatie prijsgevoelig deel van de bekostiging) verwerkt. Door de loon- en prijsbijstelling 2023 zijn de bekostigingsbedragen toegenomen met 6,4%, ten opzichte van die van kalenderjaar 2022. Ten opzichte van de eerste en voorlopige regeling bekostiging 2023, zijn de definitieve bekostigingsbedragen voor 2023 gestegen met 5%.

 

De loon- en prijsbijstelling wordt toegepast op de definitief vastgestelde bekostigingsbedragen van het voorgaande kalenderjaar. In 2022 was er nog sprake van een materiële bekostiging op kalenderjaarbasis en een personele bekostiging op schooljaarbasis. De bekostiging voor het kalenderjaar 2022 kan echter gereconstrueerd worden door de bekostigingsbedragen van de 1e (voorlopige) regeling bekostiging 2023 aan te passen door hier de prijsbijstelling 2023 (de oude indexatie van de materiele bekostiging) op te corrigeren.

 

Ten opzichte van de definitieve bekostigingsbedragen 2022 is de definitieve regeling bekostiging 2023 toegenomen met 6,4%. In de 1e regeling bekostiging 2023 (voorlopig) was al de prijsbijstelling 2023 verwerkt. Deze indexatie had betrekking op het prijsgevoelig deel van de bekostiging. Het prijsgevoelig deel van de bekostiging is vastgesteld op 10,85% van de totale bekostiging. De indexatie was 11,7% waardoor de bekostigingsbedragen ten opzichte van 2022 zijn opgehoogd met 1,3% (10,85% * 11,7%). Voor meer informatie over de indexatie, zie de toelichting hierover op de site.  

 

In de definitieve regeling bekostiging 2023 is nu ook het loongevoelig deel van de bekostiging (89,15% van de bekostigingsbedragen in de regeling bekostiging) geïndexeerd. De indexatie was 5,72%, waardoor de bedragen ten opzichte van 2022 zijn opgehoogd met 5,1% (89,15* 5,72%). De indexatie is gebruikt voor het bepalen van de loonruimte in de cao primair onderwijs 2023/2024 (Zie Verantwoording kosten onderhandelaarsakkoord, voor aangesloten schoolorganisaties met inlog op ledenportal PO-Raad).

 

Naast de loonbijstelling is in de definitieve regeling bekostiging 2023 ook de korting verwerkt op de samenwerkingsverbanden met mogelijke bovenmatig publiek eigen vermogen. Verder is ook het budget voor Professionalisering en begeleiding van starters en schoolleiders PBSS verlengd van 1 augustus tot en met december 2023. Uit de OCW-begroting blijkt dat dit budget (ca. €100 per leerling) in 2024 nog zal worden uitgekeerd aan schoolorganisaties. Op basis van lopende gesprekken met OCW verwachten we dat de regeling per 1 januari 2025 wordt gewijzigd. De minister heeft eerder aangegeven een deel van deze middelen te willen toekennen aan de onderwijsregio’s.  

 

 

1e regeling bekostiging 2024
De 1e regeling bekostiging voor 2024 wordt pas in de tweede helft van oktober door OCW gepubliceerd. Omdat dit te laat is in het kader van het begrotingsproces, heeft de PO-Raad via het ‘Model bekostiging 2024’ in de toolbox een verwachting/ prognose gegeven van de bekostigingsbedragen in de eerste regeling 2024. 

 

De aanpassing ten opzichte van de definitief vastgestelde regeling bekostiging 2023 betreft grotendeels de verwerking van de prijsbijstelling 2024. De verwachte indexatie is -0,14%, waardoor de bekostiging zal worden aangepast met -0,02% (10,85% * -0,14%). Een licht negatieve bijstelling dus. Hoewel dit te verklaren is vanuit de systematiek van indexatie (zie toelichting op de site) komt dit wel heel vreemd over, omdat de prijzen in 2024 door inflatie waarschijnlijk wel zullen stijgen.

 

Schoolorganisaties die in hun begroting uit willen gaan van de salaristabellen die gebaseerd zijn op de recent afgesloten cao primair onderwijs 2023-2024, moeten er rekening mee houden dat in deze cao al 9/12e van de geprognosticeerde loonruimte van 2024 is ingezet. Deze loonruimte van 4,43% (9/12 * 5,91%) wordt voor een klein deel gevormd door een geschatte daling van de pensioenlasten per 1-1-2024, maar voor het grootste deel door de geschatte loonbijstelling 2024. De definitieve loonbijstelling wordt na de zomer van 2024 verwerkt in de definitieve regeling bekostiging 2024. Om baten en lasten in de begroting te laten matchen, worden schoolbesturen geadviseerd om de al ingezette loonruimte van 4,43% ook mee ten nemen in de baten, door de bekostigingsbedragen van de definitieve regeling bekostiging 2023 op te plussen met 3,95% (4,43% * 89,15%). 

 

Uitgaande van de prijsbijstelling 2024 (-0,14% * 10,85% = -0,02%) en de bovenstaande ophoging 3,95%, kan in de begroting de bekostiging 2024 worden benaderd, door de bekostigingsbedragen in de definitieve regeling bekostiging 2023 te verhogen met 3,93%. 

 

Bron: PO-Raad

Aanpassing lonen per 1 juli 2023 CAO Primair Onderwijs

Op 12 september 2023 is het onderhandelaarsakkoord CAO PO 2023 – 2024 tot stand gekomen. De effectuering van dit akkoord zal plaatsvinden in de verwerkingsmaand oktober 2023. Omdat het akkoord van kracht is per 1 juli 2023, ontstaan er ook mutaties met terugwerkende kracht (=TWK).

 

Wat betekent dit voor u; de verwerking
De aanpassing van de lonen waar nodig, wordt geheel door ons verwerkt. Omdat er ook wijzigingen ontstaan door TWK-mutaties kunnen voor medewerkers correctieloonstroken ontstaan.

 

Budgettering
Het doorvoeren van de nieuwe loonschalen per 1 juli 2023 heeft invloed op het resultaat van het over 2023 toegekende personeelsbudget. De negatieve afwijking ten opzichte van het toegekende budget kan hierdoor worden verklaard. Er is dekking voor deze afwijking doordat het Ministerie van OCW de scholen compenseert via de personele inkomsten.

 

Overige aanpassingen in de CAO
Voor de overige wijzigingen uit het nieuwe akkoord zal later nog een CAO Update vanuit AFAS. Dit zal onder meer de aanpassing van reiskosten en het uitbetalen van de eenmalige bonus zijn. Ook deze aanpassingen houden wij nauwlettend in de gaten. Bij eventuele aanpassingen van werkwijzen zullen wij u zo spoedig mogelijk informeren.


Heeft u vragen over deze verwerking, dan kunt u contact opnemen met uw eigen contactpersoon op de personeels- en salarisadministratie bij Concent.